Waarom full body de beste keuze is voor beginners
Als je net begint met trainen en wilt afvallen, word je overspoeld met schema's. Push-pull-legs, upper-lower splits, bro-splits met aparte dagen voor biceps — het is overweldigend. En eerlijk gezegd: de meeste van die schema's zijn niet geschikt voor beginners.
Een full body schema is dat wél. En er zijn goede redenen waarom vrijwel elke serieuze trainer beginners een full body aanpak aanraadt:
- Je traint elke spiergroep twee tot drie keer per week. Dat is de optimale frequentie voor spiergroei en krachtontwikkeling bij beginners.
- Je verbrandt meer calorieën per sessie. Doordat je je hele lichaam belast, is het energieverbruik hoger dan bij een schema dat alleen borst en triceps traint.
- Je hebt minder trainingsdagen nodig. Drie sessies per week is voldoende. Dat maakt het haalbaar, ook als je een druk leven hebt.
- Je herstelt sneller. Omdat de belasting verdeeld is over je hele lichaam, is geen enkele spiergroep zwaar overbelast.
Het resultaat: sneller resultaat met minder kans op blessures en een schema dat je daadwerkelijk volhoudt. Precies wat je nodig hebt als beginner.
Het schema: drie dagen per week

Dit schema is ontworpen voor mensen die weinig tot geen ervaring hebben met krachttraining. Je traint drie dagen per week — bijvoorbeeld maandag, woensdag en vrijdag — met minimaal één rustdag ertussen.
Elke training bestaat uit zes oefeningen die samen je hele lichaam trainen. Je doet drie sets van tien tot twaalf herhalingen per oefening, met 60 tot 90 seconden rust tussen de sets.
Training A
- Goblet squat: 3 x 12 — houd een dumbbell of kettlebell voor je borst vast en zak diep door je knieën. Traint je bovenbenen en bilspieren.
- Dumbbell chest press: 3 x 10 — lig op een bankje (of op de grond) en druk twee dumbbells omhoog. Traint je borst, schouders en triceps.
- Dumbbell row: 3 x 10 per arm — leun met één hand op een bankje, trek een dumbbell naar je heup. Traint je rug en biceps.
- Overhead press: 3 x 10 — druk twee dumbbells vanaf schouderhoogte boven je hoofd. Traint je schouders en triceps.
- Romanian deadlift: 3 x 12 — houd dumbbells voor je bovenbenen, buig vanuit je heupen naar voren met licht gebogen knieën. Traint je hamstrings en onderrug.
- Plank: 3 x 30-45 seconden — houd je lichaam in een rechte lijn op je onderarmen. Traint je core.
Training B
- Lunges: 3 x 10 per been — stap naar voren en zak door je knieën. Traint je bovenbenen en bilspieren.
- Push-ups: 3 x zoveel als je kunt — begin op je knieën als volledige push-ups nog te zwaar zijn. Traint je borst en triceps.
- Lat pulldown (of resistance band pulldown): 3 x 12 — trek de stang of band naar je borstbeen. Traint je rug en biceps.
- Dumbbell lateral raise: 3 x 12 — hef twee lichte dumbbells zijwaarts op tot schouderhoogte. Traint je schouders.
- Hip thrust: 3 x 12 — leun met je schouderbladen tegen een bankje, plaats een dumbbell op je heupen en druk omhoog. Traint je bilspieren.
- Dead bug: 3 x 10 per kant — lig op je rug, strek afwisselend een arm en het tegenovergestelde been uit. Traint je core.
Wissel Training A en Training B af. Week één doe je A-B-A, week twee B-A-B, enzovoort. Zo train je elke spiergroep evenwichtig. Meer over trainen en afvallen lees je in onze categorie Cardio & Kracht.
Welke gewichten moet je gebruiken?
Dit is de vraag waar beginners het meest mee worstelen. En het eerlijke antwoord is: begin lichter dan je denkt.
Een goede vuistregel: kies een gewicht waarmee je alle herhalingen kunt voltooien met goede techniek, maar waarmee de laatste twee à drie herhalingen duidelijk zwaarder voelen. Als je na twaalf herhalingen het gevoel hebt dat je er nog tien kunt doen, is het te licht. Als je na zes herhalingen je vorm verliest, is het te zwaar.
Concrete startpunten voor de meeste beginners:
- Goblet squat: 8-12 kg dumbbell
- Dumbbell chest press: 6-10 kg per hand
- Dumbbell row: 8-12 kg per hand
- Overhead press: 5-8 kg per hand
- Romanian deadlift: 8-12 kg per hand
Dit zijn richtlijnen — jouw startgewicht kan hoger of lager zijn. Het belangrijkste is dat je techniek schoon blijft. Een squat met 8 kilo en perfecte vorm levert meer op dan een squat met 20 kilo die meer op een soort gecontroleerd vallen lijkt.
Progressief overbelasten: probeer elke één tot twee weken het gewicht met 1 à 2 kilo te verhogen. Dit heet progressieve overbelasting en het is de motor achter je vooruitgang. Als 10 kilo bij de chest press makkelijk wordt, pak je 12. Zo blijf je je lichaam uitdagen.
Opwarming en cooling down
Sla dit niet over. Ja, het is verleidelijk om meteen aan de gewichten te gaan. Maar vijf tot tien minuten opwarmen maakt een enorm verschil voor je prestatie en je blessurepreventie.
Opwarming (5-10 minuten):
- 3 minuten licht cardio: wandelen op de loopband, fietsen of touwtjespringen
- Dynamisch stretchen: armcirkels, beenzwaaien, heupdraaien
- 1 set van elke oefening met licht gewicht of alleen lichaamsgewicht
Cooling down (5 minuten):
- Rustig wandelen om je hartslag omlaag te brengen
- Statisch stretchen: houd elke stretch 20-30 seconden vast
- Focus op de spiergroepen die je getraind hebt
De opwarming bereidt je gewrichten, spieren en zenuwstelsel voor op zware belasting. De cooling down helpt je lichaam terug te schakelen naar de ruststand en vermindert spierstijfheid de volgende dag. Samen kosten ze een kwartier — een kleine investering voor een grote opbrengst.
Veelgemaakte fouten bij beginners

Na jaren in sportscholen rondlopen zie je steeds dezelfde fouten bij beginners. Herken je er een paar? Dan weet je wat je moet aanpassen.
1. Te snel te zwaar willen gaan
Je ego is je grootste vijand in de sportschool. Begin licht, leer de bewegingen goed en bouw langzaam op. Niemand kijkt naar hoeveel gewicht er op je dumbbell zit — en als ze dat wel doen, is het niet belangrijk.
2. Oefeningen te snel uitvoeren
Krachttraining is geen race. Neem twee seconden voor het omhooggaan en twee tot drie seconden voor het zakken. Die gecontroleerde negatieve fase is juist het moment waarop je spieren het hardst werken.
3. Altijd dezelfde gewichten gebruiken
Als je na een maand nog steeds hetzelfde gewicht pakt, daag je je lichaam niet meer uit. Verhoog regelmatig — al is het maar een kilo. Zonder progressie geen resultaat.
4. Cardio als enige training
Veel beginners rennen zich drie keer per week het schompes en doen geen enkele krachtoefening. Krachttraining is minstens zo belangrijk voor afvallen. Lees ook ons artikel over hoe vaak je moet trainen als je wilt afvallen voor de juiste balans.
5. Geen schema volgen
Elke keer iets anders doen klinkt leuk, maar levert weinig op. Je lichaam heeft consistente prikkels nodig om zich aan te passen. Volg dit schema minimaal acht weken voordat je iets verandert.
Resultaten: wat kun je verwachten?
Laten we realistisch zijn. Je gaat niet in twee weken een sixpack krijgen van dit schema. Maar dit is wat je wél kunt verwachten als je het schema drie keer per week volgt en redelijk op je voeding let:
Na twee weken: je voelt je energieker, je slaap verbetert en je merkt dat de oefeningen makkelijker gaan. Op de weegschaal zie je misschien nog weinig verschil — je lichaam is nog aan het wennen.
Na vier tot zes weken: je kleding begint anders te zitten. Je armen voelen steviger, je bilspieren zijn sterker en je houding verbetert. De gewichten die je in week één gebruikte voelen nu licht aan.
Na acht tot twaalf weken: dit is waar het echt zichtbaar wordt. Je hebt meetbaar meer spiermassa, je vetpercentage is gedaald en je voelt je fitter dan in tijden. Mensen om je heen beginnen het op te merken.
Het allerbelangrijkste is dat je na twaalf weken een gewoonte hebt opgebouwd. Trainen is niet meer iets wat je moet doen — het is iets wat je wílt doen. En die mentaliteitsverandering is meer waard dan welk trainingsschema dan ook.
Wil je dit schema thuis volgen zonder sportschool? Bekijk dan onze afvalroute over afvallen met thuisworkouts voor aanpassingen en alternatieven.
Dit artikel is informatief en vervangt geen persoonlijk medisch of sportadvies. Begin rustig, luister naar je lichaam en raadpleeg een arts als je klachten hebt.
Veelgestelde Vragen
Drie keer per week is optimaal voor beginners. Train bijvoorbeeld op maandag, woensdag en vrijdag, met minimaal één rustdag tussen elke sessie voor herstel.
Ja, je hebt alleen een set dumbbells en optioneel een verstelbaar bankje nodig. Push-ups, lunges, planks en dead bugs doe je met je eigen lichaamsgewicht. Een resistance band kan de lat pulldown vervangen.
Begin met een gewicht waarmee je alle herhalingen met goede techniek kunt voltooien, maar de laatste twee tot drie reps zwaar voelen. Voor de meeste beginners is dat 6-12 kg per dumbbell, afhankelijk van de oefening.
Na twee weken voel je verschil in energie en kracht. Na vier tot zes weken merk je het aan je kleding. Na acht tot twaalf weken is het zichtbaar voor anderen. Consistentie en geduld zijn essentieel.
Cardio is een nuttige aanvulling maar geen vereiste. Dagelijks wandelen (10.000 stappen) en één tot twee lichte cardiosessies per week zijn voldoende naast drie krachttrainingen.